Home Over Agenda Nieuws Galerie Contact
© kloosterbibliotheek wittem 2018

Kloosterbibliotheek Wittem

De kloosterbibliotheek van Wittem is een kostbaar en monumentaal bezit. Aan de buitenkant ziet men al dat het kloostergebouw ligt ingeklemd enerzijds door de kerk, anderzijds door de bibliotheek. Symboliek voor het klooster dat al sinds 1836 het studiehuis was voor de toekomstige paters Redemptoristen. Als men de bibliotheekruimte binnenkomt wordt men overweldigd door de architectuur, de boeken en ook de benedenruimte die tegenwoordig is ingericht voor lezingen, tentoonstellingen en concerten. Voor de wetenschappelijke opleiding was een goed voorziene bibliotheek noodzakelijk. In het jaar 1891 was het aantal boeken al gegroeid tot ruim 20.000. Deze waren ondergebracht in vijf  kamers van het toenmalige klooster. Dit grote aantal was bereikt door aankoop, maar ook door schenkingen. Hieronder bevonden zich ook kostbare handschriften en incunabelen (met losse letters gedrukte boeken van vóór 1500) Maar de noodzaak van vernieuwing van het gebouw uit 1730 dat door de Redemptoristen in 1836 was overgenomen gaf de mogelijkheid om zowel het klooster als de bibliotheek aan te passen aan de nieuwe eisen des tijds. Door rector Peters die een grote erfenis had verkregen en pater van Rossum (de latere kardinaal) die de bouwtekening maakte, kwam met name deze bibliotheek tot stand. In 1892 werd ze in gebruik genomen. De afmetingen laten een duidelijke verbetering zien: 31 x 9 meter en 12 m. hoog. De totale lengte van de strekkende meters is 1500 meter boeken. De wenteltrappen, de houten gaanderijen en het tongewelf geven het geheel een rustige en monastieke sfeer. Zowel het plafond als de boekenrekken en de wenteltrappen, alles van hout, zijn het werk van eigen broeders. Alleen de fabricage van de gedraaide spijlen en balustrades werd uitbesteed. Vanaf 1892 zien we een gestage groei van het boekenbestand. De noodzaak daartoe was de wetenschappelijke opleiding van de toekomstige Redemptoristen en de behoefte aan theologische onderbouwing bij de geloofsverkondiging in volksmissies en retraites.  Maar in 1938 veroorzaakte het groeiende aantal boeken opnieuw plaatsgebrek. Om dit wat op te vangen werd op de zolder van de nieuwbouwvleugel die juist in dat jaar gereed kwam (achter de bibliotheek), een ruimte gerealiseerd van 19 x 10 m. Deze ruimte zou voortaan gebruikt worden voor minder courante boeken.  Een jaar later plaatste men op de begane grond legkasten, waarin incunabelen werden tentoongesteld. Hiervoor kon men ruimschoots putten uit een grote collectie van 50 waardevolle handschriften, 35 incunabelen, 22 postincunabelen en 25 bijbeledities van vóór 1592. Verder werden er twee dubbele rijen stalen boekenkasten geplaatst, ieder van 15 m. lengte. Ondertussen was in 1940 het boekenbestand gestegen tot 60.000. De kern van het boekenbestand bestond uit theologische en filosofische werken, ascese, psychologie, psychiatrie en sociologie, bijbelwetenschappen, kerkgeschiedenis, vergelijkende godsdienst- wetenschappen enz. Daarnaast oude en moderne literatuur. In de zestiger jaren verliet het slinkende aantal priesterstudenten Wittem om in Heerlen hun theologische studie voort te zetten. Daardoor ging de bibliotheek een steeds geringere rol spelen. Van de Radbouduniversiteit in Nijmegen kwam het verzoek om de bibliotheek met 75.000 boeken te mogen overnemen. Dan zou de wetenschappelijke rijkdom niet onbenut blijven en zou de jarenlange opbouw niet vergeefs zijn geweest. Op 1 november 1975 kreeg de overdracht haar beslag.  Maar wat doe je nu met zo’n grote, lege ruimte die achterbleef? Aanvankelijk niets. Tot het idee opkwam om de lege schappen weer te vullen met boeken die nog steeds binnen kwamen uit nalatenschappen, schenkingen, recensieexemplaren en kloosters die gesloten werden. De ruimte kreeg gaandeweg weer allure, waartoe zeker ook de architectuur een rol speelde. En deze ruimte met opnieuw boeken in de schappen deed het idee ontstaan om de kloosterbibliotheek ook voor een deel te bestemmen voor muzische activiteiten. Er werd een comité gevormd dat de plannen verder ging uitwerken. De benedenruimte zou verhuurd worden voor concerten, lezingen, presentaties, studiedagen en tentoonstellingen. Toch was men niet honderd procent tevreden. Men sprak steeds over de ‘kloosterbibliotheek’ maar was het nog wel een kloosterbibliotheek?. Het was slechts de vroegere ruimte waarin de schappen waren volgestopt met een grote hoeveelheid vaak onbelangrijke lectuur. Zo groeide het idee om de kloosterbibliotheek weer als bibliotheek in ere te herstellen, nu niet voor studenten, maar voor het pastorale team en de bewoners van het klooster dat hier de nodige wetenschappelijke achtergrond en ondersteuning zou kunnen vinden.  Met deze aanpak werd in maart 2004 gestart. Men begon met het zuiveren van niet ter zake doende lectuur, een nieuwe indeling gebaseerd op theologische en pastorale behoefte werd ingevoerd. Ook kwam vanuit de Congregatie de vraag of hier een centrale bibliotheek van alle uitgaven van Redemptoristen kon ondergebracht worden. Aan deze nieuwe opzet wordt nu hard gewerkt. Als dit gigantische werk zal voltooid zijn, zal de kloosterbibliotheek weer in volle luister en in de volle zin van het woord, de kloosterbibliotheek van Wittem zijn.  Daarnaast zal ook de benedenruimte, een functie vervullen voor allen die in Wittem inspiratie en bezinning zoeken. Dat is immers de eigentijdse rol die Wittem aan de vele bezoekers wil bieden. Aldus de beschrijving van Pater Theo De Caluwé uit 2005. Intussen zijn de plannen van de congregatie die in de laatste alinea’s beschreven zijn door de tijd achterhaald. De Kloosterbibliotheek heeft de laatste jaren meer en meer een zelfstandige culturele functie gekregen. Dat de monumentale ruimte in volle luister bewaard moet blijven is echter iets waar iedereen het nog steeds over eens is.

Over de geschiedenis van

Kloosterbibliotheek Wittem

door pater Theo de Caluwe C.Ss.R. - 2005
Over

Kloosterbibliotheek Wittem

Over de geschiedenis van

Kloosterbibliotheek Wittem

door pater Theo de Caluwe C.Ss.R. - 2005
De kloosterbibliotheek van Wittem is een kostbaar en monumentaal bezit. Aan de buitenkant ziet men al dat het kloostergebouw ligt ingeklemd enerzijds door de kerk, anderzijds door de bibliotheek. Symboliek voor het klooster dat al sinds 1836 het studiehuis was voor de toekomstige paters Redemptoristen. Als men de bibliotheekruimte binnenkomt wordt men overweldigd door de architectuur, de boeken en ook de benedenruimte die tegenwoordig is ingericht voor lezingen, tentoonstellingen en concerten. Voor de wetenschappelijke opleiding was een goed voorziene bibliotheek noodzakelijk. In het jaar 1891 was het aantal boeken al gegroeid tot ruim 20.000. Deze waren ondergebracht in vijf  kamers van het toenmalige klooster. Dit grote aantal was bereikt door aankoop, maar ook door schenkingen. Hieronder bevonden zich ook kostbare handschriften en incunabelen (met losse letters gedrukte boeken van vóór 1500) Maar de noodzaak van vernieuwing van het gebouw uit 1730 dat door de Redemptoristen in 1836 was overgenomen gaf de mogelijkheid om zowel het klooster als de bibliotheek aan te passen aan de nieuwe eisen des tijds. Door rector Peters die een grote erfenis had verkregen en pater van Rossum (de latere kardinaal) die de bouwtekening maakte, kwam met name deze bibliotheek tot stand. In 1892 werd ze in gebruik genomen. De afmetingen laten een duidelijke verbetering zien: 31 x 9 meter en 12 m. hoog. De totale lengte van de strekkende meters is 1500 meter boeken. De wenteltrappen, de houten gaanderijen en het tongewelf geven het geheel een rustige en monastieke sfeer. Zowel het plafond als de boekenrekken en de wenteltrappen, alles van hout, zijn het werk van eigen broeders. Alleen de fabricage van de gedraaide spijlen en balustrades werd uitbesteed. Vanaf 1892 zien we een gestage groei van het boekenbestand. De noodzaak daartoe was de wetenschappelijke opleiding van de toekomstige Redemptoristen en de behoefte aan theologische onderbouwing bij de geloofsverkondiging in volksmissies en retraites.  Maar in 1938 veroorzaakte het groeiende aantal boeken opnieuw plaatsgebrek. Om dit wat op te vangen werd op de zolder van de nieuwbouwvleugel die juist in dat jaar gereed kwam (achter de bibliotheek), een ruimte gerealiseerd van 19 x 10 m. Deze ruimte zou voortaan gebruikt worden voor minder courante boeken.  Een jaar later plaatste men op de begane grond legkasten, waarin incunabelen werden tentoongesteld. Hiervoor kon men ruimschoots putten uit een grote collectie van 50 waardevolle handschriften, 35 incunabelen, 22 postincunabelen en 25 bijbeledities van vóór 1592. Verder werden er twee dubbele rijen stalen boekenkasten geplaatst, ieder van 15 m. lengte. Ondertussen was in 1940 het boekenbestand gestegen tot 60.000. De kern van het boekenbestand bestond uit theologische en filosofische werken, ascese, psychologie, psychiatrie en sociologie, bijbelwetenschappen, kerkgeschiedenis, vergelijkende godsdienst-wetenschappen enz. Daarnaast oude en moderne literatuur. In de zestiger jaren verliet het slinkende aantal priesterstudenten Wittem om in Heerlen hun theologische studie voort te zetten. Daardoor ging de bibliotheek een steeds geringere rol spelen. Van de Radbouduniversiteit in Nijmegen kwam het verzoek om de bibliotheek met 75.000 boeken te mogen overnemen. Dan zou de wetenschappelijke rijkdom niet onbenut blijven en zou de jarenlange opbouw niet vergeefs zijn geweest. Op 1 november 1975 kreeg de overdracht haar beslag.  Maar wat doe je nu met zo’n grote, lege ruimte die achterbleef? Aanvankelijk niets. Tot het idee opkwam om de lege schappen weer te vullen met boeken die nog steeds binnen kwamen uit nalatenschappen, schenkingen, recensieexemplaren en kloosters die gesloten werden. De ruimte kreeg gaandeweg weer allure, waartoe zeker ook de architectuur een rol speelde. En deze ruimte met opnieuw boeken in de schappen deed het idee ontstaan om de kloosterbibliotheek ook voor een deel te bestemmen voor muzische activiteiten. Er werd een comité gevormd dat de plannen verder ging uitwerken. De benedenruimte zou verhuurd worden voor concerten, lezingen, presentaties, studiedagen en tentoonstellingen. Toch was men niet honderd procent tevreden. Men sprak steeds over de ‘kloosterbibliotheek’ maar was het nog wel een kloosterbibliotheek?. Het was slechts de vroegere ruimte waarin de schappen waren volgestopt met een grote hoeveelheid vaak onbelangrijke lectuur. Zo groeide het idee om de kloosterbibliotheek weer als bibliotheek in ere te herstellen, nu niet voor studenten, maar voor het pastorale team en de bewoners van het klooster dat hier de nodige wetenschappelijke achtergrond en ondersteuning zou kunnen vinden.  Met deze aanpak werd in maart 2004 gestart. Men begon met het zuiveren van niet ter zake doende lectuur, een nieuwe indeling gebaseerd op theologische en pastorale behoefte werd ingevoerd. Ook kwam vanuit de Congregatie de vraag of hier een centrale bibliotheek van alle uitgaven van Redemptoristen kon ondergebracht worden. Aan deze nieuwe opzet wordt nu hard gewerkt. Als dit gigantische werk zal voltooid zijn, zal de kloosterbibliotheek weer in volle luister en in de volle zin van het woord, de kloosterbibliotheek van Wittem zijn.  Daarnaast zal ook de benedenruimte, een functie vervullen voor allen die in Wittem inspiratie en bezinning zoeken. Dat is immers de eigentijdse rol die Wittem aan de vele bezoekers wil bieden. Aldus de beschrijving van Pater Theo De Caluwé uit 2005. Intussen zijn de plannen van de congregatie die in de laatste alinea’s beschreven zijn door de tijd achterhaald. De Kloosterbibliotheek heeft de laatste jaren meer en meer een zelfstandige culturele functie gekregen. Dat de monumentale ruimte in volle luister bewaard moet blijven is echter iets waar iedereen het nog steeds over eens is.
© kloosterbibliotheek wittem 2018
Home Over Agenda Nieuws Contact